Helaas hebben we geen directe bronnen van de oprichting van Schaakgezelschap Staunton op 27 november 1871. Zo weten we niet wie de oprichters, waarschijnlijk 7 in getal, of de eerste leden, 12 stuks naar verluidt, precies waren. Wat we wél weten, van die eerste dagen tot later, presenteren we hier op deze pagina.
Daarbij de kanttekening dat onderzoek naar mensen die een eeuw, anderhalve eeuw geleden leefden hier en daar problematisch kan zijn. Weinig primaire bronnen, geraadpleegde tijdschriften en kranten maken fouten. Verkeerde initialen, andere schrijfwijze achternamen, onjuiste geboorte- of sterfdata, noem maar op.
Dat gezegd, we zijn niet over een nacht ijs gegaan, en van de hier gepresenteerde personen zijn we vrij zeker dat het inderdaad de in de Staunton archieven genoemde schakers betreft.
Voor lezers die meer willen weten over het Staunton- of schaakverleden van een van de vermelde personen, stuur een mailtje naar Govert Pellikaan. Andersom, weet u veel meer over iemand dan wij, wij horen het graag!
In het tijdschrift SISSA van 1873 staat de mededeling dat er een Schaakgezelschap in Groningen is opgericht:

Joan Driessen is secretaris. Mogelijk is bedoeld Jan van Driessen (1830-1897), koopman/grutter in de Oude Kijk in’t Jatstraat, een man die in die jaren vaker in commissies en verenigingen opduikt als secretaris.
In de stukken is er sprake van een wedstrijd in 1880, waaraan meededen Addens, Arnold, J.G.Meijer en Becker.
Geerd Hindriks Addens (1823-1894), houtzaagmolenaar Winschoterzijl, Vischmarkt ZZ T215 (adresboek Groningen 1880) [soms in de archieven ook Geert, Geerd, Geert Hendrik, etc.] {mogelijk is de toernooideelnemer zijn zoon Hindrik Nannes Addens (1859-1929), dr in de rechten en advocaat, en deelnemer aan een toernooi in Winschoten ditzelfde jaar} [geen familie van de schaker bij Van der Linde, in de jaren 1930, Eltjo Tjark Addens]
Mathias Theodorus Arnold (1841-1901), hoedenmaker, Oude Ebbingestraat A196
Jan Gruno Meijer (1838- <1883), koekbakker, Tusschen beide markten [sterftejaar nergens vermeld, maar in juni 1882 laat ‘spuitgast Jan Meijer’ het leven onderweg naar een brand]
Alexander Heinrich Becker (1841-1913), instrumentmaker, Stoeldraaierstraat 3
In de stukken hebben we een overgeschreven ledenlijst van 1880:
A.H. Becker, F.M. Bilroth, H.K. Bilroth, M.Th. Arnold, J. Tjepkema, J.C. Meijer, H. Nienhuis, S.G. Nijhoff, J. Schuring, L.C. Lürssen, H. Schönebaum, W.F.M. Meijer, F. Bruins, C. Fokkens, A.S.H. Hesse, G.H. Addens, E. Ypes, H. Cohen, J.Ph. Runsink.
Alexander Heinrich Becker (1841-1913), instrumentmaker, Stoeldraaierstraat 3
Friedrich Martin Billroth (1852-1925), zonder beroep [staat abusievelijk als F.M. Bilroth op de lijst, niet te verwarren met Friedrich Martin Billroth, 1848-1881, sigarenhandelaar, Groote Markt NZ A18]
Hendrik Billroth (1849-1897), spiegelfabrikant, [staat abusievelijk als H.K. Bilroth op de lijst]
Mathias Theodorus Arnold (1841-1901), hoeden- en pettenmaker, Oude Ebbingestraat A196
Johannes Tjepkema (1850-1911), koopman, Vischmarkt
Jan Gruno Meijer (1838-<1883), koekbakker, Tusschen beide markten [staat abusievelijk als J.C. Meijer op de lijst, vader van Jan Meijer en Reurt Albertus Jacobus Meijer, geen familie van W.F.M. Meijer, M. Meijer of A. Meijer]
Hindrik Nienhuis (1851-1931), graanhandelaar, Boterdiep oz 71
Simon Groenewolt Nijhoff (1851-1890), koopman [ook wel Simon Groenewold Nijhoff]
Johannes Schuring (1852-1883), muzikant
L.C. Lürssen ? [Mogelijk Ludwig Lurssen (1857-?), eenmalig genoemd in de Groninger archieven, geboren 12-1-1957, verder geen spoor]
Heinrich Carl Schönebaum (1853-1905), fabrikant machinaal gebreide goederen,
Wilhelm Friedrich Maximiliaan Meijer (1853-1895), koopman [geen familie van J.G. Meijer, J, Meijer, R.A.J. Meijer, M. Meijer, A. Meijer]
Frederik Bruins (1836-1903), leraar Rijkskweekschool
C. Fokkens ? [misschien is bedoeld Geert Gerardus Fockens (1830-1902), apotheker]
Albertus Simon Harmanus Hesse (1852-1888), manufacturier
Geerd Hindriks Addens (1823-1894), houtzaagmolenaar Winschoterzijl, Vischmarkt ZZ T215 (adresboek Groningen 1880) [soms in de archieven ook Geert, Geerd, Geert Hendrik, etc.]
Everhardus Mennes Ypes (1830-1911), zilversmid [in de archieven ook wel IJpes]
Hartog Cohen (1829-1922), koopman, later koster
Johan Philip Runsink (1846-1934), koloniale waren en bakkersbenodigdheden
Het bestuur in 1880 bestaat uit:
voorzitter: A.H. Becker
penningmeester: H.K. Bilroth (zie Hendrik Billroth)
secretaris: J.P. Runsink
commissaris: M.Th. Arnold
De wedstrijd om het eerste clubkampioenschap in 1884/5 wordt beslist door de partij Deelman – F. Onnes:
Lubbertus Hofstee Deelman (1855-1940), componist
Focko Onnes (1852-1907), wijnhandelaar [Geen familie van Hendrik Onnes]
De eerste wedstrijdploeg van Staunton in 1885/6:
1) Lubbertus Hofstee Deelman (1855-1940), componist
2) Michiel Wiertsema (1852-1916), notaris
3) Samuel Alexander van Leer (1865-1910), student geneeskunde
4) Bernardus Hermannus van der Meer (1834-1920), logementhouder, geldwisselaar
5) A.H. Becker
6) Johannes Tjepkema (1850-1911), koopman, Vischmarkt
7) Wilhelm Friedrich Maximiliaan Meijer (1853-1895), koopman [geen familie van J.G. Meijer, J, Meijer, R.A.J. Meijer, A. Meijer]
8) J.H. Scheltens [waarschijnlijk is bedoeld Herman Scheltens (1837-1937), goudsmid]
9) Hendrik Onnes (1848-1912), commissionair
10) Simon Groenewolt Nijhoff (1851-1890), koopman [ook wel Simon Groenewold Nijhoff]
11) Johan Philip Runsink (1848-1934), koloniale waren en bakkersbenodigdheden
12) Jan Gerhard Woldringh (1856-1920), telegrafist, later postdirecteur
Het bestuur in 1886 bestaat uit: voorzitter: A.H. Becker, vicevoorzitter: J.P. Runsink, penningmeester: H. Onnes, 1e secretaris: K.R. Veldhuis, 2e secretaris: H. Siccama
Alexander Heinrich Becker (1841-1913), instrumentmaker, Stoeldraaierstraat 3
Johan Philip Runsink (1846-1934), koloniale waren en bakkersbenodigdheden
Hendrik Onnes (1848-1912), commissionair
Klaas Roelf Velthuis (1854-1917), ontvanger te Noorddijk [waarschijnlijk abusievelijk Veldhuis voor Velthuis, een K.R. Velthuis staat ook in 1894 in het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond te boek]
Harco Hilarius Huitsing (1846-1930), koopman [Bekend onder de naam H.(Huitsing) Siccama: zoon van Grietje Huitsing, die hem pas in 1860 als zoon erkende. Dit in het jaar waarin zij trouwde met Johan Hora Siccama van de Harkstede, dan 73 jaar en een jaar weduwnaar…]
In 1886 wordt er een wedstrijd gehouden ter viering van het 15jarig bestaan van het gezelschap. Winnaar is C.W. Vrendenberg (in het historisch overzicht uit 1936 ‘Vreudenberg’ genoemd).
Cornelis Willem Vrendenberg (1862-1949), arts, in de jaren 1880 student, lid van Vindicat, Aegir
In 1893 geeft Loman een blindséance tegen: H. Postma, W.F.M. Meijer, A. van Rhijn, H.B. van Rhijn, N. Westendorp Boerma, G. Bartstra, H.B. Zijlstra
Rudolf Johannes Loman (1861-1932), organist, schaakjournalist
Hessel Postma (1868-1948), arts
Wilhelm Friedrich Maximiliaan Meijer (1853-1895), koopman [geen familie van J.G. Meijer, J, Meijer, R.A.J. Meijer, A. Meijer]
Arnold van Rhijn (1844-1923), arts
Hendrik Bernardus van Rhijn (1849-1924), Inspecteur der Rijksveldwacht
Nicolaus Westendorp Boerma (1830-1914), arts [Niet te verwarren met Nicolaas Westendorp Boerma, hoogleraar Wijsbegeerte aan de UvA en de vader van Roelf Everhard Herman Westendorp Boerma (1911-1983), hoogleraar Latijn, lid van Staunton]
Gosse Bartstra (1851-1934), leraar [opa van Herman Koos Gustaaf Bartstra (1905-1962), zenuwarts en lector in de neurologie aan de RUG, lid van Staunton van 1926-1962 (H.K.G. Bartstra was een achterneef, want kleinzoon van Cornelis Bartstra, de oudere broer van Gosse, van Eduard Alfred Cornelis Bartstra (1907-1999), die in de jaren ’30 speelde voor Ludendo Studemus)]
Harm Zijlstra (1859-1931), stoffenkoopman, Oosterstraat (Harm is een zoon van Berend Zijlstra, wat de ‘B’ voor ‘Berends’ zou verklaren)
In 1893 verschijnt er in het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond een lijst van schakers uit de provincie Groningen. De stadjers zullen meerendeels lid van Staunton zijn geweest.

Lubbertus Hofstee Deelman (1855-1940), componist
Mathias Theodorus Arnold (1841-1901), hoedenmaker [abusievelijk hier genoemd als M.F. Arnold]

Gosse Bartstra
Alexander Heinrich Becker
Sijbrand(us) Etto Boddé (1848-1932), koopman in stoffen [had een zaak ‘Boddé en Zijlstra’ met Harm Zijlstra in de Oosterstraat, abusievelijk vermeld als J.E. Boddé, vader van Eduard Herman Boddé (1884-1966 ) en Etto Hendrik Boddé (1888-1963), van wie waarschijnlijk Eduard Herman ook lid werd van Staunton]
Nicolaus Westendorp Boerma
Petrus Hofstede de Groot (1870-1951), directeur van de Amsterdamsche Bank N.V. [zoon van Cornelis Philippus Hofstede de Groot (1829-1884), een van de sterkste Groningse schakers in de 19e eeuw, broer van Cornelis Hofstede de Groot (1863-1930), kunstcriticus]
Klaas (Harm) Hamming (1852-1909), sigarenhandelaar [bedankt als lid van de Nederlandschen Schaakbond in 1894]
Sijger Tammo van Julsingha (1871-1923) [abusievelijk als F.T. Van Julsingha genoemd, in de archieven soms Sijger Tamme genoemd, per 1899 zwager van Willem Hendrik Mansholt]
Henderik Jan van Konijnenburg (1863-1945), graanhandelaar
Willem Hendrik Mansholt (1871-1931), arts [zoon van Derk Roelfs Mansholt, huwde 1899 Aukina Geertruida van Julsingha, oudere zus van Sijger Tammo van Julsingha]
Bernardus Hermannus van der Meer
Wilhelm Friedrich Maximiliaan Meijer
Menno Meijer (1851-1909), commissionair in effecten [geen familie van andere Meijers]
Ettjo Nabring (1857-1934), leraar
Lambertus Oetzes (1855- 1909), koopman [bedankt als lid van de Nederlandschen Schaakbond in 1894]
Ubbo Petrus Okken (1859-1940), horlogemaker, conciërge Belastingdienst
(W. Plinsinga te Nieuwolda is de vader van Wiert Johan Plinsinga (1921-1995), clubkampioen in 1943 en 1946)
Hessel Postma (1868-1948), arts
Antoon Gerard Roos (1837-1916), banketbakker [een tweede, jongere Antoon Gerard Roos (1877-1953), lijkt iets te jong voor het lidmaatschap, hij wordt later bibliothecaris]
Johan Philip Runsink (1848-1934), koloniale waren en bakkersbenodigdheden
Herman Scheltens (1837-1937) [abusievelijk hier Scheltema genoemd, Scheltens woonde idd aan de Steentilstraat]
Gerhardus Albertus Visscher (1874-1907), advocaat en procureur, [studeerde rechtswetenschap 1892-1896 in Groningen, promoveerde 1897]
Ebele Wieling
Klaas Wieringa (1868-1910), graanhandelaar
Gerard Johan de Winter (1853-1915), deurwaarder
Pieter Doijes van Zeeburg (1861-1914), leraar [loste vaak problemen op in de eerste jaargang van het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond]
Harm Zijlstra (1859-1931), stoffenkoopman, Oosterstraat (Harm is een zoon van Berend Zijlstra, wat de ‘B’ voor ‘Berends’ zou verklaren)
In de jaren 1890 vinden we in het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond met enige regelmaat berichten over de Groningse schaakwereld, zo ook over de winterwedstrijden van Staunton.

Hendrik Wiersema (1868-1915), ontvanger der directe belastingen en accijnzen
Gerard Johan de Winter (1853-1915), deurwaarder
Nicolaus Westendorp Boerma (1830-1914), arts [Niet te verwarren met Nicolaas Westendorp Boerma, hoogleraar Wijsbegeerte aan de UvA en de vader van Roelf Everhard Herman Westendorp Boerma (1911-1983), hoogleraar Latijn, lid van Staunton]
Ettjo Nabring (1857-1934), leraar
Lubbertus Hofstee Deelman (1855-1940), componist
Hendrik Onnes (1848-1912), commissionair
Harm Zijlstra (1859-1931), stoffenkoopman, Oosterstraat [Harm is een zoon van Berend Zijlstra, soms ook H.B. Zijlstra genoemd, met de ‘B’ voor ‘Berends’]
Salomon Elkan Sanders (1843-1913), koopman [abusievelijk E. Sanders genoemd??]
Hendrik Bernardus van Rhijn (1849-1924), Inspecteur der Rijksveldwacht
Menno Meijer (1851-1909), commissionair in effecten [geen familie van andere Meijers]
Willem Beekhuis (1825-1902), arts [vaak ook aangevuld met Jz of Jzn, Willem was de zoon van Jan Steven Cloeck Beekhuis (1797-1890)]
Ebele Wieling (1855-1923), koster Doopsgezinde kerk
Alexander Heinrich Becker (1841-1913), instrumentmaker, Stoeldraaierstraat 3
Herman Scheltens (1837-1937), goudsmid
Francois Pierre Martin Baetens (1851-1927), landmeter bij kadaster [abusievelijk E.P.M Baetens genoemd]
Reinder Johan Escher (1853-1922), leraar gymnasium [abusievelijk Esscher genoemd, verhuisde naar westen van het land, en speelde nog lang bij Discendo Discimus]
In 1898 publiceert de Nederlandsche Schaakbond een ledenlijst. Bij de Groningse leden staat heel behulpzaam een ‘S’ achter de namen van de leden van Staunton. De ereleden staan netjes vermeld, opvallend zijn de leden Heeren uit Ternaard, en Spornheijer uit Hoogezand.

Francois Pierre Martin Baetens (1851-1927), landmeter bij kadaster
Alexander Heinrich Becker (1841-1913), instrumentmaker, Stoeldraaierstraat 3
Willem Beekhuis (1825-1902), arts [vaak ook aangevuld met Jz of Jzn, Willem was de zoon van Jan Steven Cloeck Beekhuis (1797-1890)]
Lubbertus Hofstee Deelman (1855-1940), componist
Reinder Johan Escher (1853-1922), leraar gymnasium [abusievelijk Esscher genoemd, verhuisde naar westen van het land, en speelde nog lang bij Discendo Discimus]
Henri Frederic Joseph Güppertz (1866-1911), essayeur [keurmeester zuiverheid edelmetalen in legeringen] bij de waarborg van ‘s Hertogenbosch [volgens het militaire keuringsrapport slechts 1.47 lang?!]
Jan Meijer (1868-1930), kleermaker, zoon van Jan Gruno Meijer, broer van R.A.J. Meijer
Ettjo Nabring (1857-1934), leraar
Ubbo Petrus Okken (1859-1940), horlogemaker, conciërge Belastingdienst
Lambertus Renken (1875-1931), manager/eigenaar melkfabriek Oude Kijk in ’t Jatstraat, componeerde problemen, waaronder eentje die hij cadeau deed aan Lasker
Hendrik Bernardus van Rhijn (1849-1924), Inspecteur der Rijksveldwacht
Johan Philip Runsink (1848-1934), koloniale waren en bakkersbenodigdheden
Salomon Elkan Sanders (1843-1913), koopman [abusievelijk E. Sanders genoemd??]
Herman Scheltens (1837-1937), goudsmid
Geert Snel (1866-1932), officier infanterie (luitenant), burgemeester Zuidbroek
Klaas Roelf Velthuis (1854-1917), ontvanger te Noorddijk [waarschijnlijk abusievelijk Veldhuis voor Velthuis, een K.R. Velthuis staat ook in 1894 in het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond te boek]
Nicolaus Westendorp Boerma (1830-1914), arts [Niet te verwarren met Nicolaas Westendorp Boerma, hoogleraar Wijsbegeerte aan de UvA en de vader van Roelf Everhard Herman Westendorp Boerma (1911-1983), hoogleraar Latijn, lid van Staunton]
Ebele Wieling (1855-1923), koster Doopsgezinde kerk
Gerard Johan de Winter (1853-1915), deurwaarder
Pieter Doijes van Zeeburg (1861-1914), leraar [loste vaak problemen op in de eerste jaargang van het Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond]
Harm Zijlstra (1859-1931), stoffenkoopman, Oosterstraat (Harm is een zoon van Berend Zijlstra, wat de ‘B’ voor ‘Berends’ zou verklaren)
Roelof Johan Heeren (1836-1900), de J. voor Johan ontbreekt bij schaakgerelateerd naamsgebruik, was secretaris van het Noordelijk Schaakbond, van beroep gemeentesecretaris
Jan Spornheijer (1848-1941), goud- en zilversmid

Hierboven de deelnemers aan de winterwedstrijden in 1899. Allen bekend, afgezien van J.H. Groenman.
J.H. Groenman [mogelijk Johannes Groenman (1844-1923), azijnfabrikant]
In het archief van Staunton bevindt zich een schrift met verlsagen van vergaderingen en af en toe een ledenlijst. Hieronder de eerste, uit 1906:


Het bestuur bestaat uit J.W. van Groningen (voorzitter), J.F. Heemskerk (vice-voorzitter), E. Wieling (secretaris), G.J. de Winter (penningmeester) en L. Renken (bibliothecaris).
Jan Wessel van Groningen (1855-1911), directeur Coöperatieve vereniging Scholtens meelfabrieken [niet te verwarren met mr Jan Wessel van Groningen (1858-1934), bankdirecteur te Deventer]
Jan Frederik Heemskerk (1867-1944), rijksbetaalmeester, politicus, erelid van de Nederlandsche Schaakbond sinds 1910
Ebele Wieling (1855-1923), koster Doopsgezinde kerk
Gerard Johan de Winter (1853-1915), deurwaarder
Lambertus Renken (1875-1931), manager/eigenaar melkfabriek Oude Kijk in ’t Jatstraat, componeerde problemen, waaronder eentje die hij cadeau deed aan Lasker
De leden:
Herman Scheltens (1837-1937), goudsmid
Ettjo Nabring (1857-1934), leraar
Gerard Johan de Winter (1853-1915), deurwaarder
Salomon Elkan Sanders (1843-1913), koopman
Jan Meijer (1868-1930), kleermaker, zoon van Jan Gruno Meijer, broer van R.A.J. Meijer
Ubbo Petrus Okken (1859-1940), horlogemaker, conciërge Belastingdienst
Lambertus Renken (1875-1931), manager/eigenaar melkfabriek Oude Kijk in ’t Jatstraat, componeerde problemen, waaronder eentje die hij cadeau deed aan Lasker
Jan Wessel van Groningen (1855-1911), directeur Coöperatieve vereniging Scholtens meelfabrieken [niet te verwarren met mr Jan Wessel van Groningen (1858-1934), bankdirecteur te Deventer]
Hendrik Pieters Kalt (1850-1907), technoloog
Willem Miedendorp (1880-1932), runde met zijn broer Firma Wed.W.Miedendorp, recordhouder clubkampioenschappen
Hugo Carl Adolph Kaufmann (1866-1924), musicus, muziekleraar
Willem Allard van Dam (1867-1937), geldwisselaar, kassier [ontving vergunning/kenteken nummer 1 in de gemeente Groningen]
Tamme Huizinga (1870-1920), hoofdagent beetwortelsuikerfabriek, opzichter stadslanderijen, gemeenteraadslid [zoon van Tiete Huizinga, en gebruikte vaak de naam T. Huizinga jr.]
Antoon Meijer (1866/7-1952), restaurateur Harmonie [Een Anton Meijer geboren in 1862 van dezelfde ouders zal een jong gestorven broer zijn, in zowel twee huwelijksakten als overlijdensakte wordt een leeftijd vermeld die wijst naar een geboorte in 1866 of 1867, zelf gebruikte hij altijd ‘Ant. Meijer’] [Eerder leek mogelijk dat werd bedoeld Arend Toncko Meijer (1872-1940), zoon van Jan Gruno Meijer, broer van Jan Meijer en Reurt Albertus Jacobus Meijer, winkelier, voorzitter winkeliersvereniging Groningen, ridder in de orde van Oranje Nassau, maar gezien in de notulen van de ledenvergadering met A. Meijer overlegd moest worden over de mogelijkheid op een andere dag in de Harmonie te komen schaken is het zonneklaar dat A voor Ant. staat]
Willem Nicolaas Claasen (1841-1914), apotheker [onze W.N. Claasen zou in Appingedam gewoond hebben; genoemde Willem Nicolaas is helaas niet middels een bron aan Appingedam te koppelen, wel is er sprake van een M. Claasen uit Appingedam en had Willem Nicolaas een dochter Maria; tja. Maar wacht, inmiddels bevestiging via zoon W.N.A. Claasen die via de Staatscourant in 1907 aan Appingedam wordt gekoppeld!]
Reurt Albertus Jacobus Meijer (1880-1957), kleermaker te Nijmegen, zoon van Jan Gruno Meijer, broer van Jan en Arend Toncko en Ubbo H Meijer, tussen 1908 en 1955 36(!) keer clubkampioen van het Nijmeegse Strijdt Met Beleid,
Nicolaus Westendorp Boerma (1830-1914), arts [Niet te verwarren met Nicolaas Westendorp Boerma, hoogleraar Wijsbegeerte aan de UvA en de vader van Roelf Everhard Herman Westendorp Boerma (1911-1983), hoogleraar Latijn, lid van Staunton]
Jan Frederik Heemskerk (1867-1944), rijksbetaalmeester, politicus, erelid van de Nederlandsche Schaakbond sinds 1910
Franciscus Lieftinck (1837-1921) tabaksfabrikant, Franciscus Lieftinck (1878-1929) handelsemployee, of Ferdinand Lieftinck (1879-1959), tabaksfabrikant
M. de Jong, dansmeester en musicus, wonend aan de Coehoornsingel 3-1
Lambertus Nienhuis (1881-1959), boekhouder
Salomon Polak (1883-1939 ), leraar, later directeur centrale dienst levensmiddelen voorziening te Amsterdam [vader van de bekende Johan (Bertus Wouter) Polak (1928-1992), uitgever, bibliofiel, essayist]
Derk Roelfs Mansholt (1842-1921), Groninger boer en politicus, was voorzitter van Staunton van 1908-1913, schaakte per brief tegen Multatuli, vader van Willem Hendrik Mansholt, die eerder lid was geweest
Hendrik Hindrikus Bos (1885-1947), vertegenwoordiger/commissionair, lang lid van Staunton, maar op latere leeftijd lid geworden van Helpman, waar hij in 1946 clubkampioen werd
Johannes Hermannus Brugman (1886-1925), boekhouder [zoon van J.Ch. Brugman, die in 1906 als eigenaar van OOsterstraat 49 in de krant staat, hier per vergissing als ‘L. Brugman’ vermeld]
Eduard Herman Boddé (1884-1966), handelscorrespondent/procuratiehouder bij Terhorst-textiel [zoon van Stauntonlid Sijbrand(us) Etto Boddé (1848-1932), koopman in stoffen die een zaak had ‘Boddé en Zijlstra’ met Stauntonlid Harm Zijlstra in de Oosterstraat, mogelijk is ook bedoeld de jongere broer Etto Hendrik Boddé (1888-1963), machinist, maar die was pas 18 jaar oud in 1906]
Klaas van der Kamp (1886-1922), dominee, kwam als theologiestudent bij Staunton, zat in het bestuur, en werd clubkampioen in 1910
Jacob Cornelis Onnes (1879-1938), architect [mogelijk verre familie van Hendrik Onnes, lid in de jaren 1880]
In de ledenlijst van een jaar later voornamelijk dezelfde namen, maar nu met adressen (zie het adres van A. Meijer!).


Johannes Hermannus Brugman (1886-1925), boekhouder [zoon van J.Ch. Brugman, die in 1906 als eigenaar van Oosterstraat 49 in de krant staat]
Heiman Kiek (1877-1941), vertegenwoordiger
John Vincent Rogers van Romondt (1876-1909)
P. Bruins
J.W. Borgerding
H. Peters
En in 1908 hebben we een nieuwe secretaris… (Beste Klaas, waarom??)

G. Siemelink
W. Veenhoven
G. Knuttel
