A.A. Idema

Foto: Jan van den Broek

Staunton’s enige Grootmeester

Adriaan Abraham (Bram) Idema was clubkampioen in de jaren 1972 en 1973. Hij had er op dat moment al een hele schaakcarriére opzitten, en stond aan het begin van een tweede, misschien wel mooiere periode uit zijn schaakleven. Maar laten we niet op de zaken vooruitlopen, en bij het begin beginnen.

Bram Idema werd geboren in Leeuwarden op 1 augustus 1927. Zijn vader was clubschaker bij Philidor 1847 van bescheiden niveau, maar wel een echte liefhebber. De liefde voor het schaken bracht hij over op zijn zoon. De match Aljechin – Euwe in 1935 werd door beiden op de voet gevolgd. De kleine Bram werd zelfs een keer wakker met een klein briefje naast zijn bed: Euwe – Aljechin 1 – 0.

Vader Idema aan bord 18 in de massakamp Ferwerd – Philidor. Leeuwarder courant, 31-01-1931.

Vader en zoon Idema abonneerden zich vervolgens op het tijdschrift Schaakwereld, met Euwe als vaste medewerker. Daarin stonden natuurlijk partij-analyses, maar ook twee- en driezetters. Ook deden ze mee aan de ladderwedstrijd.

In 1937 verhuisde het gezin Idema naar Maastricht. In de oorlog lag Bram ziek op bed, roodvonk, en kwamen de Schaakwerelds weer tevoorschijn. Mede hierop geïnspireerd componeerde de jonge Idema problemen en zelfs hele partijen, die hij tegen zichzelf speelde, compleet met analyses á la Euwe.

Als de oostoever van Maastricht, heel vroeg vanzelfsprekend ten opzichte van de rest van het land, op 13 september door de Amerikanen bevrijd wordt, en een dag later ook de westoever, sluit Idema zich gelijk aan bij M.S.V. . Zijn eerste partijtje, tegen Hupkens, wint hij:

Naast Idema’s eerste partijtje bij MSV, links het bewijs dat de aanleg voor het correspondentieschaken zich al vroeg manifesteerde.

In november ’44 speelt hij onderstaand miniatuurtje tegen Muysson:

Na de oorlog gaat Idema naar Leiden, waar hij in 1945 begint met een studie geneeskunde. In de groentijd maakt hij kennis met Morphy, in een alternerende simultaan door Wijnans en Ter Haar. Idema wint zijn partij. Ook meldt hij zich aan bij het Leidsch Schaakgenootschap, omdat bij Morphy “gezelligheid nog boven schaken gaat”.

Hij had een kamer aan de Witte Singel, de straat waar ook secretaris van de club de heer Modderman woonde.

Hij treedt dus toe tot het Leidsch Schaakgenootschap in 1945. Hij speelt intern, en ook tientalwedstrijden. Zijn eerste invalbeurt in het LSG1 heeft hij uit de krant geknipt:

Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond, jrg 54, 1946, no 12, 01-12-1946

Eind ’46 speelde Idema ook mee in het grote Jubileumtournooi van L.S.G.. In de 6e achtkamp, hierboven ook in diagram getekend, maakte hij indruk. In het Tijdschrift van den Nederlandsche Schaakbond zag men Idema als een belofte voor het L.S.G..

In 1947 achter het bord zitten in een wedstrijd L.S.G. – D.D., waar toen A.H. Roose speelde. Ze zaten achter belendende borden:

De Nederlander, 25-02-1947

In die beginjaren bij LSG wordt Idema gelijk drie keer achtereen kampioen van de Leidse Schaakbond:

Met zijn derde opeenvolgende overwinning mag Idema de wisselprijs, een zilveren koning, behouden. Deze koning, het zilver wat zwart, staat inmiddels meer dan 70 jaar bij Idema in de studeerkamer. Het is een prachtige prijs, nog steeds:

De Koning, voor de derde opeenvolgende keer gewonnen door Idema in 1949, en sindsdien in zijn trotse bezit.

In het seizoen 1952-1953 wordt hij kampioen van LSG. Overigens zou Menno van Steenis hem dit kunststukje een paar jaar later (1959-1960) nadoen, ook vlak voor hij naar Staunton vertrok.

Na het afronden van zijn studie moet Idema in 1954 in militaire dienst. Als 1e luitenant, officier van gezondheid, maakt hij zijn tijd vol, en verdient bovendien zijn eerste geld. Een kleine tegemoetkoming voor wat hij zelf beschouwt als een ‘hinderlijke onderbreking, maar het moest’. In 1955 werkt hij in Apeldoorn in het Julianaziekenhuis. Natuurlijk schaakt hij dan ook voor Apeldoorn.

In 1956 komt Idema naar Groningen, of althans, dan zien we hem voor het eerst bij Staunton. Hij speelt eind ’56 in het tweede. In 1957 een eerste invalbeurt in het eerste van Staunton. Ook mag hij dan als 14e man meespelen in groep 1 van de Winterwedstrijden. Na dat jaar speelt Idema in het eerste, soms ook het tweede team.

Nieuwsblad van het Noorden, 17-3-1958.

Na zijn clubkampioenschappen in 1972 en 1973, waarvan hij zich weinig bijzonderheden kan heugen, werpt Idema zich samen met Ernst Sprenger op het correspondentieschaken. Nog tot en met 1984 speelt hij in Staunton 1, de interne speelt hij nauwelijks nog. Vooral het vele roken, de zaal stond steevast blauw van de rook, dreef hem van het bordschaak. Ook beviel de tijdsdruk van het spelen met de klok hem minder en minder. Een bij het correspondentieschaken aangewakkerd zoeken naar de perfecte zet past nu eenmaal slecht bij het meer pragmatische 40 zetten in 2 uur.

Een uitgebreid verhaal over zijn schaakgeschiedenis staat in het aprilnummer van Schaakschakeringen uit 2002:

Klik op de foto om het artikel te lezen.

In 1988 legt hij in het Nieuwsblad van het Noorden uit waarom hij het correspondentieschaken verkiest boven het bordschaak.

Nieuwsblad van het Noorden, 29-2-1988 (Klik op de foto om het artikel te lezen.)

Als correspondentieschaker kent Idema een lang verleden. Al in 1946 is hij begonnen. Hij begon fanatieker te worden in 1973, stootte rap door naar de Nederlandse top, werd Nederlands kampioen, en in 1986 tweede bij het Europees kampioenschap. In een vloek en een zucht (we kijken niet op een paar jaar…) behaalde hij in 1993 de Grootmeestertitel.

Idema’s prijzenkast, met rechts de Grootmeester-medaille, en het bijpassende speldje.

Op de top van zijn correspondentiële kunnen (1998) schreef Idema een rating van 2584, ook voor correspondentieschaken bepaald niet misselijk. Hij staat dan in de top-3 van Nederland samen met Joop van Oosterom en Dick van Geet, bekende namen natuurlijk in de schaakwereld.

Hieronder een kleine verzameling van Idema’s partijen.

Na zijn pensionering heeft Idema zich gestort op historisch archiefonderzoek. We citeren de website van het Geschiedenisbibliotheekgroningen, waar Idema een eigen pagina heeft met de resultaten van zijn onderzoek.

Website Geschiedenisbibliotheekgroningen/historie. Idema krijgt hier een eigen rubriek: Wat Bram vond.

“Als vrijwilliger heeft hij de bijlagen bij de stadsrekeningen uit de 17e en 18e eeuw geordend, zodat deze unieke verzameling voor het historisch onderzoek bruikbaar is geworden. In de loop van de jaren heeft hij bovendien met grote nauwgezetheid de boeken doorgenomen waarin de besluiten van het Groninger stadsbestuur zijn vastgelegd. Zijn aandacht ging – en gaat – daarbij vooral uit naar de ontwikkeling van het zuidwestelijke deel van de Groninger binnenstad in de tweede helft van de 16e en de eerste helft van de 17e eeuw.”

Op deze pagina, Wat Bram vond, staan op dit moment drie artikelen door Idema:

Wachtwoord vergeten?